Uw zoekopdracht

Zoeken in een regio



Machteloze ouders
Machteloze ouders

Machteloze ouders


datum plaatsing

02-07-2005

medium

NRC Handelsblad

auteur

Leo Prick


Vorige week schreef ik dat ouders leraren niet in elkaar behoren te slaan, maar dat betekent niet dat ze nooit reden zouden hebben zich boos te maken. Ik ben ervan overtuigd dat ouders en leerlingen steeds vaker terecht klagen over de kwaliteit van het onderwijs. Die indruk is gebaseerd op de mails die ik krijg van ouders die mij deelgenoot maken van hun verbazing of boosheid over de opleiding van hun kinderen. Dat de klachten toenemen en dat scholen zich daar weinig ontvankelijk voor tonen is het logische gevolg van de onderwijspolitiek van de afgelopen twintig jaar.
De meest ingrijpende ontwikkeling die het onderwijs in die periode heeft doorgemaakt is die van de schaalvergroting. Zelfstandige scholen verdwenen; ze gingen deel uitmaken van een bestuur dat vervolgens het beleid van de onder hem ressorterende scholen ging bepalen. Vroeger reageerden succesvolle scholen op een toenemende instroom door uitbreiding, noodlokalen of oprichting van een dependance. Nu reguleert de bovenschoolse directie de verdeling van de leerlingen over de verschillende locaties, zodat ook de scholen waar de belangstelling gering voor is, vol zitten. De bovenschoolse directie bepaalt wat goed is voor uw kind en als u niet tevreden bent gaat u maar naar een ander. Maar die ander is er niet. Veel schoolbesturen hebben een monopolie. Terwijl de overheid de mond vol heeft van marktwerking als stimulans voor organisaties om beter te presteren gaan leerlingen en studenten steeds vaker gebukt onder gedwongen winkelnering.
Zo mailde mij een vader over de school voor havo waar zijn dochter werd geplaatst. Het openbaar onderwijs in zijn stad heeft twee havo’s: de ene in combinatie met vmbo, de andere met vwo. De vader, die al een zoon heeft op het vwo, en daar tevreden over is, had ook zijn dochter op die locatie gewenst, maar de school bepaalde dat zij op de havo/vmbo-school thuis hoort.
Inmiddels zit die dochter daar anderhalf jaar en haar vader heeft een hele serie klachten. Een gesprek daarover houdt de school af. Vervolgens schrijft de vader een brief waarin hij zijn klachten op een rij zet. Bijvoorbeeld over het op de school ingevoerde daltonsysteem waarvan duidelijk is dat het voor geen meter loopt waarna het weer wordt afgeschaft. De school reageert daarop niet met: inderdaad en daarom gaan we volgend jaar een en ander ingrijpend veranderen, maar met het verhaal dat “het volgende cursusjaar weer aanpassingen gepleegd worden. Zowel onderwijs als leerlingen veranderen en vanuit een innovatieve veranderingsgezinde visie vindt herinrichting van het onderwijs plaats.” Met andere woorden, we veranderen niet omdat het niet loopt, maar omdat we zo’n dynamische, eigentijdse school zijn.
Dat de ouders hun dochter op die andere locatie willen, hangt samen met het feit dat zij de eventuele overgang naar vwo open willen houden. Bij een havo onder één dak met vwo is de kans daarop uiteraard veel groter dan op een school met vmbo. Zo kreeg die vader ook te horen dat dit op de school van zijn dochter eigenlijk nooit voorkomt.
De school reageert hierop met: “Zoals u weet schrijft u in op de school en op grond van de resultaten van de leerling in basisonderwijs en bij de citotoets vindt plaatsing plaats op een toegesneden locatie. Wij zijn er vooralsnog van overtuigd dat wij in het belang van onze leerlingen bepaalde keuzes maken, waar u het blijkbaar niet mee eens bent. Wanneer u het onverhoopt niet eens bent met onze visie op maatwerk voor bepaalde doelgroepen dan staat het u vrij om een andere school te kiezen.”
Een monopolie werkt gemakzucht in de hand en dus wordt zo’n klacht op ambtelijke wijze afgedaan. Om uit je vel te springen.
[ < terug ]

aanverwante artikelen: