Bedreigde soort |
|
datum plaatsing |
04-06-2005 |
medium |
NRC Handelsblad |
auteur |
Leo Prick |
Het nieuwe leren. Enige tijd geleden schreef ik over de Ratelbant-achtige kretologie waarmee deze nieuwe vormen van onderwijs worden gepropageerd. Vooral in het middelbaar en hoger beroepsonderwijs. Een vergelijkbare ontwikkeling deed zich trouwens enkele jaren geleden voor in het voortgezet onderwijs, alleen heette het daar anders: studiehuis. Mijn kritiek betrof overigens niet de nieuwe vormen van leren als zodanig, maar de situatie waarbij die nieuwe werkwijzen van bovenaf worden opgelegd en waarbij alle leraren van alle vakken verplicht worden zich daaraan te conformeren. Daarop kreeg ik verschillende reacties die getuigden van verbazing over de dociliteit van de betrokken leraren. Zo mailde mij J. Nivard uit Hoorn: “Zegt het ook niet iets over de professionaliteit van de mensen die het onderwijs uitvoeren? Hoe is het mogelijk dat een grote beroepsgroep dit laat gebeuren? Immers zij zijn bij uitstek de deskundigen. Graag zou ik zien dat U de verantwoordelijkheid van de beroepsgroep zichtbaar maakt in Uw commentaar.” Op deze vraag kan ik een aantal antwoorden formuleren, maar niet hèt antwoord in algemene zin. Daarvoor is de situatie van school tot school en van sector tot sector te verschillend. Het vermogen om je te beroepen op je professionaliteit heeft bijvoorbeeld te maken met zelfbewustzijn. Sommige sectoren van het onderwijs worden al decennialang geteisterd door reorganisaties en verslechterende arbeidsomstandigheden. Almaar voortdurende onzekerheid over de vraag of je het volgende jaar nog werk hebt, draagt niet bepaald bij aan professioneel zelfbewustzijn. Dat geldt ook voor de boodschap die veel leraren te horen hebben gekregen dat hun salaris om rechtspositionele redenen helaas niet kan worden verlaagd, maar dat ze eigenlijk te hoog zijn ingeschaald. Daarnaast hebben veel leraren zich gedwongen gezien les te geven in een ander vak dan dat van hun deskundigheid. Een vak waar ze vaak absoluut geen affiniteit mee hebben. De gepassioneerde leraar brood- en banketbakken moet algemene technieken gaan geven. Zo zijn, vooral in het beroepsonderwijs, veel leraren van hun professionele identiteit beroofd. Die leraren kunnen moeilijk inbrengen dat een bepaalde didactische aanpak vanuit hun vak gezien niet verantwoord is. Ze hebben immers al lang geen vak meer. Wat ook al niet bijdraagt aan professioneel zelfbewustzijn is het gegeven dat leraren steeds vaker gebrekkig zijn opgeleid. Veel lerarenopleidingen zijn in personele en materiële zin onvoldoende toegerust om de leraren op te leiden in alle vakken die de hogeschool aanbiedt. Dus worden de opleidingen veralgemeniseerd. Dat de betreffende docenten dat pikken is omdat ze hun baan willen behouden. Dus voegen zij zich in een onbevredigende en, wat de kwaliteit van hun werk betreft, onverantwoorde werksituatie. Een rol speelt ook het toenemende management. Dat betekent dat de toonaangevende leraren naar het management verhuizen. En daar dus gaan voorschrijven hoe anderen moeten werken. Dat onderwijsinstellingen het nieuwe leren propageren komt doordat het leggen van de verantwoordelijkheid bij de leerling (zelfstandig werken, zelfbeoordeling, etc.) veel minder arbeidsintensief kan worden gerealiseerd dan traditioneel onderwijs in de vorm van werkgroepen of lesgeven. Op die manier houden zij geld over voor leuke dingen, bijvoorbeeld voor nog meer management. De professionele leraar is een met uitsterven bedreigde soort. Niemand die zich daar druk om maakt. Ging het maar om iets belangrijks, de korenwolf bijvoorbeeld. [ < terug ] Dit artikel is auteursrechtelijk beschermd. Indien dit artikel interessant is voor uw website, bieden wij u de mogelijkheid het te gebruiken. Neem hiervoor contact op met Nostraverus.
|
|
