Hardnekkig misverstand? |
|
datum plaatsing |
22-01-2005 |
medium |
NRC Handelsblad |
auteur |
Leo Prick |
De ellendige situatie waarin ons onderwijs verkeert is het gevolg van het socialistische streven om via de school alle mensen gelijke kansen te geven. Aldus een briefschrijver enige tijd geleden. Docent biologie Hans van den Berg liet vervolgens weten zich behoorlijk aan dit hardnekkige misverstand te ergeren, en voegde daaraan toe: “Prick heeft dat vast nooit zo bout geformuleerd, maar hij neigde daar soms wel toe”. De werkelijke schuldigen, aldus Van den Berg, zijn de CDA- en VVD-bestuurders die na het tijdperk Den Uyl meenden dat het allemaal goedkoper kon. Dat was nog niet het geval met Pais, zegt hij vervolgens, “maar later werd voor Deetman en zijn opvolgers, het adagium van het onderwijs: het moet en zal goedkoper!” Van den Berg heeft gelijk. De kabinetten Lubbers I en II hebben tussen 1982 en 1989 op een verschrikkelijke manier huisgehouden in het Nederlandse onderwijs. Omdat in die jaren het aantal leerlingen met liefst een kwart daalde, kwamen veel leraren op straat te staan. Van die situatie werd misbruik gemaakt door, met de invoering van de Hos, de leraarssalarissen rigoureus te verlagen. Helemaal schandalig was natuurlijk dat, met instemming van de vakbonden, de bezuinigingen voornamelijk terecht kwamen bij de zwaksten: de beginnende leraren. Door die vakbonden erbij te halen trap ik wellicht tegen Van den Bergs linker been, maar ik memoreer dit toch maar even omdat voorzitter Drechsler van de Algemene Onderwijsbond dit, getuige een artikel in zijn clubblad, inmiddels schijnt te zijn vergeten. Die teruggang in salarissen heeft ertoe geleid dat het leraarsberoep, zeker voor mensen die ook elders terecht kunnen, weinig aantrekkelijk is geworden. Waardoor de effecten van die maatregel tot in lengte van dagen voelbaar zullen blijven. Tot zo ver vindt Van den Berg mij dus geheel aan zijn zijde. Maar dan vervolgt hij: “Vernieuwingen, ook (juist?) van socialistische bestuurders, mochten alleen plaatsvinden onder het juk van kortzichtige kruiperigheid voor het economische belang. Daarin smoorden alle pogingen om er iets beters van te maken.” Dit, zou ik zeggen, heeft docent biologie Hans van den Berg wel erg boud geformuleerd. Want wat was het geval? Na Deetman volgde negen jaar lang Ritzen met eerst Wallage en daarna Netelenbos als staatssecretaris. Daarna kwam Hermans met aan zijn zijde Adelmund. Al die 13 jaar lang was de portefeuille voortgezet onderwijs in handen van socialistische bewindslieden, die deel uitmaakten van de kabinetten Lubbers III, Kok I en Kok II, waarin de PvdA mede regeringsverantwoordelijkheid droeg. Wallage en Netelenbos verblijdden het voortgezet onderwijs in die jaren met Basisvorming en vmbo. Ter realisering van die socialistische vernieuwingen werden kleine scholen opgeheven of tot fusie gedwongen. Volgens Wallage was dat een voorwaarde om zijn Basisvorming te doen slagen. Hetzelfde gold voor de samenvoeging van mavo met vbo tot vmbo, een operatie die ook nog eens ging ten koste van het kleinschalige speciaal onderwijs. De Basisvorming bleek al vlug veel en veel te moeilijk voor de zwakkere leerlingen. De invoering daarvan, in combinatie met het wegvallen van specifieke voorzieningen voor zorgleerlingen, heeft ertoe geleid, zo constateerde een week geleden de Algemene Rekenkamer, dat steeds meer leerlingen uit de onderwijsboot vallen. Dat die vernieuwingen rampzalig uitpakten had niets te maken met “kortzichtige kruiperigheid voor het economische belang”, maar uitsluitend met het wereldvreemde beeld dat de socialistische bewindslieden Wallage en Netelenbos hadden van bepaalde sectoren van ons onderwijs. [ < terug ] Dit artikel is auteursrechtelijk beschermd. Indien dit artikel interessant is voor uw website, bieden wij u de mogelijkheid het te gebruiken. Neem hiervoor contact op met Nostraverus.
|
|
