Carte scolaire |
|
datum plaatsing |
23-09-2006 |
medium |
NRC Handelsblad |
auteur |
Leo Prick |
In Frankrijk doet zich een interessante discussie voor waar Nederlandse politici van kunnen leren. Het gaat over de verplichte schoolkeuze. Die dus geen keuze is. Leerlingen in Frankrijk moeten binnen hun eigen woongebied naar school, althans wat betreft de basisschool en het collège, de middenschool. Vandaar gaan ze, als ze een jaar of vijftien zijn, naar het lyceum en daarbij is de schoolkeuze vrij. Nu is het natuurlijk maar helemaal de vraag of de school in de buurt ook inderdaad de school is die jij voor je zoon of dochter verkiest. In Frankrijk is dat lang niet altijd het geval. Met als gevolg dat veel ouders een truc bedenken om onder die gedwongen schoolnering uit te komen: ouders huren met elkaar een mini-appartementje in een arrondissement met hun favoriete school waar 12 kinderen op evenzoveel vierkante meters staan ingeschreven, of ze maken gebruik van een fictief adres, ze schrijven ze in bij opa en oma, gaan op papier uit elkaar om in te trekken bij iemand die gunstig woont, etc. Interessant is dat leraren twee keer zo veel gebruik maken van dergelijke vluchtwegen dan de gemiddelde Franse ouder. Dit systeem dat bekend staat onder de naam ‘carte scolaire’ is vergelijkbaar met het postcodebeleid zoals dat op sommige plaatsen in Nederland wordt gevoerd. De carte scolaire is in de jaren zestig ingevoerd om ervoor te zorgen dat scholen sociaal meer gemengd zouden worden, net zo gemengd als de buurt waar ze staan. Sedertdien zijn, vooral in de stedelijke gebieden, grote delen van wijken verpauperd, met als gevolg dat ouders zoeken naar wegen om de buurtschool te ontvluchten. Voor heel Frankrijk ligt het percentage vluchters op 30%, en in de grote steden nog hoger. Komend voorjaar wordt er een nieuwe president gekozen. De carte scolaire is tot middelpunt van discussie geworden toen de vermoedelijke presidentskandidaat van rechts, Nicolas Sarkozy, zich onlangs uitsprak voor de afschaffing daarvan. Zijn socialistische tegenstreefster, Ségolène Royal, heeft zijn voorbeeld gevolgd in die zin dat ze voor ouders een ruimere schoolkeuze mogelijk wil maken. Toegegeven, de effecten van gedwongen schoolnering in Frankrijk zijn ingrijpender dan in Nederland. In Frankrijk is de kwaliteit van de basisschool en meer nog die van het collège, bepalend voor de verdere schoolloopbaan. Een slecht collège zorgt voor een haast onoverbrugbare achterstand. Dit als gevolg van de aard van het Franse onderwijs dat van begin tot eind gericht is op selectie. Vandaar dat de carte scolaire, bedoeld ter bestrijding van sociale ongelijkheid, verworden is tot reproducent van sociale ongelijkheid. In Nederland is een goede start op een goede basisschool niet van zo doorslaggevend belang als in Frankrijk, maar we zijn wel hard bezig diezelfde kant op te gaan. Was het ooit verboden boven het maaiveld uit te steken, inmiddels is het een verplichting. Cijfers worden steeds belangrijker, allerwegen wordt gezocht naar manieren om te selecteren, en naar argumenten om selectie te rechtvaardigen. Ook voor Nederlandse leerlingen wordt het steeds belangrijker een gunstige startpositie te veroveren. Ouders hebben in Nederland ruime mogelijkheden bij het kiezen van een school, maar juist nu niet langer alleen geprivilegieerde ouders van die vrijheid gebruik maken, krijgen ze steeds meer beperkingen opgelegd. En wat de carte scolaire ons leert is: hoe streng we die regels ook toepassen, de hoogst opgeleiden en bestgeïnformeerden vinden altijd wegen om zich eraan onttrekken. Laten we daarom de vrije schoolkeuze koesteren. [ < terug ] Dit artikel is auteursrechtelijk beschermd. Indien dit artikel interessant is voor uw website, bieden wij u de mogelijkheid het te gebruiken. Neem hiervoor contact op met Nostraverus.
|
|
