Uw zoekopdracht

Zoeken in een regio



Huize Zonnegloren vangt al zeven jaar pegels
Huize Zonnegloren vangt al zeven jaar pegels

Huize Zonnegloren vangt al zeven jaar pegels


datum plaatsing

1-nov-'08

medium

AD Haagsche Courant

auteur

Jesse Budding


Zelfs onder een inktzwarte hemel zal het iedereen meteen duidelijk zijn waar de noordkant ligt van de Delftse Estelistraat: daar waar de zonnepanelen op de puntdakjes prijken. Op zeven woningen blaken elk zes collectoren. Vanwaar zoveel? Het blijkt een erfenis uit 2001.

Meer dan zeven jaar geleden alweer sloeg het Delfts Energie Agentschap (tegenwoordig Stichting EREA, red.) de handen ineen met de woningbouwcorporaties Vestia, Vidomes en het toenmalige DelftWonen. Om energiebesparing in Delft een nieuwe boost geven kwamen ze met het project ‘Honderd Delftsblauwe Daken’ uit. Geen conventioneel blauw, maar zonnepaneelblauw.
Vestia bijvoorbeeld deed tien bewoners in de Estelistraat het aanbod om – gratis en voor niets - zonnepanelen te laten bevestigen. “De plaatsing was echt een heksentoer”, blikt bewoonster Marian Koopman terug. “Je moet nou niet bepaald hoogtevrees hebben.” Maar begonnen de overburen niet meteen te klagen over horizonvervuiling? Koopman: “Mijn overbuurvrouw zei juist: ‘Ik vind het wel mooi staan’.”
Voor de nieuwe dakbedekking vroeg Vestia geen enkele tegenprestatie, zelfs geen huurverhoging. Met Koopman stemden dan ook nog zes van de tien buren in met het voorstel van de woningbouw. “Vestia vond die zeventig procent toen een hoge score”, kan Koopman zich herinneren. “Laatst vroeg ik nog een buurman waarom hij er niet aan had meegedaan, maar toen bleek dat hij het indertijd niet zo goed had begrepen.” Jammer, want Koopman prijst zich nog steeds gelukkig met haar bezit.
“Het komt ons financieel alleen maar ten goede”, concludeert ze. “Normaal gesproken schijn je de investering er in twaalf jaar uit te hebben. Een gemiddeld huishouden zou tweehonderd gulden minder aan energie kwijt zijn per jaar. Hoeveel dat nu, acht jaar later en hogere energieprijzen, zou ik niet weten. Maar nu de zon schijnt en we geen energie verbruiken, loopt de meter terug”, zegt ze wijzend op de meter in de gangkast. “Leuk dat je dat kunt zien, het is dus niet iets abstracts. En het is dus niet zo dat we alle energie zelf gebruiken. We hebben immers geen accu, dus die overtollige stroom gaat naar het net.” Ze weet ook anno 2008 nog steeds geen enkel nadeel te noemen van de donkerblauwe rechthoeken.
Slechts een keer moesten de omvormers vervangen worden, namelijk toen die bij een aantal mensen kapot gingen. De verwachte levensduur bedraagt twintig jaar. Wat er echter in 2021 gebeurt, is nog niet bekend. Koopman: “Het zou voor mij afhangen van de prijs en de tijd die ik nog in een huis wil wonen, of ik nieuwe zonnepanelen zou kopen.”
‘Honderd Delftsblauwe daken’ heeft zijn sporen in de loop der tijd in elk geval meer dan bewezen. Meer dan een half voetbalveld vol zonnepanelen zorgen voor een CO2-besparing van maar liefst driehonderd ton per jaar. Jan Hulsbergen, manager onderhoud en beheer van woningbouwvereniging Vestia: “Via Eneco liep een project waarbij woningeigenaren een pakket zonnepanelen konden afnemen. Dat vonden wij leuk voor onze huurders. Uiteindelijk hebben we toen met drie woningbouwcorporaties samen in Tanthof een redelijk geslaagd project opgezet. De gemeente was inderdaad initiator van het project, waarbij uiteindelijk de corporaties de uiteindelijke uitvoeringsbegeleiding hebben verzorgd.”
Vestia liet daarna niet na om ook kritisch naar zichzelf te kijken: “We hebben toen ook een aanvraag ingediend voor ons eigen kantoordak. En ook die is toegekend.”
Hoewel milieu en energie de laatste tijd in de media weer hot items lijken, vertaalt zich dat niet altijd terug in de praktijk. Sinds 1 april bijvoorbeeld heeft SenterNovem, een overheidsorgaan dat zich onder meer bezighoudt met duurzaamheid, wederom subsidies beschikbaar gesteld op dit terrein. Hulsbergen: “Men verwachtte veel aanvragen, maar dat viel mee.”

@kader:Waar liggen de panelen nog meer?
‘Honderd Delftsblauwe daken’ zou aanvankelijk uit negen deelprojecten bestaan. Later werden dat er zes.
‘Die Delfgaauwse Weye’ waarbij panelen in glazen balkonhekjes werden bevestigd.
Het pand ‘De witte roos’ aan de Oude Delft.
Jac. P. Thijssen basisschool met een wand waarop staat hoeveel energie is opgewekt.
In Theater De Veste staan boven aan de roltrap luifels met zonnepanelen.
Projecten met particuliere huiseigenaren.
Tanthof: hier moesten de bewoners een kleine huurverhoging betalen, maar liggen de meeste panelen te bakken in de zon.

Zonnestroom, nu en in de toekomst
In ‘Zonnestroom 2008 – een technisch en economisch overzicht’, een rapport opgesteld in opdracht van SenterNovem, staat het volgende te lezen.
In 2007 was het aandeel zonnestroom in de Nederlandse elektriciteitsmix 0,03 procent.
Ter vergelijking: het aandeel windenergie bedroeg dat jaar 3 procent en de totale duurzame elektriciteitsproductie 6 procent. Nederland is al sinds de beginjaren actief in de zonnestroom, zowel in speurwerk als demonstratieprojecten. Na enige jaren van gebrek aan financiële ondersteuning voor zonnestroomsystemen is in 2008 met de nieuwe SDE-regeling (Stimulering Duurzame Energie) weer een impuls gegeven aan de interne markt, en daarmee aan de industrie.
In een international perspectief luidt de verwachting dat de hoge groei van de zonnestroommarkt (circa 30 tot 40 procent per jaar) de komende jaren zal doorzetten.
[ < terug ]

aanverwante artikelen: