Uw zoekopdracht

Zoeken in een regio



Cultuurbeleid
Cultuurbeleid

Cultuurbeleid


datum plaatsing

medium

Kunstbeeld

auteur

Sandra Jongenelen


De bijeenkomst Grenzeloze Nieuwsgierigheid leek met de inschrijving van meer dan 600 deelnemers eigenlijk al op voorhand een succes. Insteek van het congres was dat voor een werkelijk internationaal cultuurbeleid durf, ambitie en nieuwsgierigheid nodig is. De eerste vraag die zich dan opdringt is: hoe gedurfd, ambitieus en nieuwsgierig is de bijeenkomst zelf?
Van de 18 sprekers zijn er maar liefst 16 afkomstig uit Nederland en de meeste van hen zijn spreekbuis van de deelnemende organisaties. De twee buitenlanders, Claudia Fontes en N’Gone Fall komen bovendien beiden uit de hoek van de beeldende kunsten. Waarom niet meteen de daad bij het woord gevoegd en ook hier de luiken veel verder opengezet voor culturele vertegenwoordigers uit Afrika, Azië en Latijns-Amerika. Het lijkt een gemiste kans! Tijdens de bijeenkomst blijkt echter hoe belangrijk het is dat de organisaties elkaar eerst ontmoeten en elkaar uitleggen waar ze mee bezig zijn. Vaak weet de een niet eens van het bestaan van de ander, laat staan dat ze van elkaar weten wat ze doen. De nieuwsgierigheid begint hier in de zaal en in de netwerkplek bij uitstek: de rij voor het damestoilet.

Geen uitroeptekens maar vraagtekens
Staatssecretaris Timmermans van internationaal cultuurbeleid mag het congres openen en doet dat met verve. Hij begint met een vurig pleidooi om als Nederlanders weer vraagtekens te plaatsen en niet overal maar uitroeptekens te zetten. "Het uitroepteken wordt gezien als teken van kracht en zekerheid, maar het is een teken van zwakte en onzekerheid", aldus Timmermans. "We leven in een tijd waarin fundamentele keuzen moeten worden gemaakt…Er wordt veel angst aangeboden, maar we kunnen ook voor de hoop kiezen…Dit is een gezamenlijk startpunt
Voor sommige initiatiefnemers van de bijeenkomst lag het startpunt al in 2002 toen de samenwerking tussen de Mondriaan Stichting en het Prins Claus Fonds ontstond. Dat mondde uiteindelijk uit in het akkoord van Schokland waar Grenzeloze Nieuwsgierigheid weer een gevolg van is en waar inmiddels 23 organisaties bij zijn betrokken. De vier 'koplopers' in de eerste paneldiscussie (Mondriaan Stichting, Prins Claus Fonds, Hivos en SICA) leggen uit dat ze de kloof tussen verschillende netwerken en subsidiepotjes wilden dichten en daarom met andere organisaties in gesprek zijn gegaan. Uiteindelijk doel is volgens hen om meer mensen in Azië, Afrika en Latijns-Amerika te bereiken en om de luiken in Nederland verder open te zetten voor cultuur uit niet-westerse landen. Dit pleidooi is tevens de essentie van het Manifest voor Nieuwsgierigheid dat de deelnemers kunnen ondertekenen en dat later op de dag wordt aangeboden aan minster Koenders.


Tegeltjeswijsheden
Niet iedereen uit het publiek kan zich echter vinden in de inhoud van het manifest. Rudi Wester van het Institut Néerlandais in Parijs is teleurgesteld. "Het lijkt hier wel een soort sekte, ik had gehoopt op een open discussie", zegt ze in de wandelgangen. "Er wordt over de hoofden van de kunstenaars heen gepraat. Natuurlijk vind ik het ook belangrijk om de cultuur in Azië, Latijns-Amerika en Afrika te stimuleren, eigenlijk zijn dat open deuren. Maar dat moet niet ten koste gaan van de steun aan de verspreiding van de Nederlandse kunst in de VS en Europa." Het was een van de weinige kritische geluiden over het manifest dat volgens het panel met Ole Bouman (NAi), Chris Keulemans (schrijver/journalist) en Susan Legêne (hoogleraar politieke geschiedenis VU) in feite vol voor de hand liggende tegeltjeswijsheden staat. "Maar die moeten wel worden waargemaakt, en daarom is vandaag een soort revolutie", zegt Chris Keulemans.
Het pleidooi van het drietal dat niet de Nederlandse beleidsmakers moeten bepalen wat er moet gebeuren, maar de kunstenaars zelf, wordt verstoord door rumoer uit de zaal. Margriet Leemhuis van het ministerie van Buitenlandse Zaken meldt zich en vraagt de panelleden of ze wel beseffen waar ze over praten als ze het over Afghanistan hebben. " Er gaat al drie miljoen Euro naar de restauratie van het museum van Kaboel en bazaar van Tashqurghan. Gek dat je dat niet weet!" De suggestie van Chris Keulemans dat verschillende ministeries langs elkaar heen werken en dat het tijd is voor revolutie op de departementen, wijst ze resoluut van de hand. "Sinds 1996 moeten Internationaal Cultuurbeleid en Cultuur en ontwikkeling al samenwerken op het ministerie. Over welke revolutie heb je het dan?" Leemhuis logenstraft ook het idee dat Nederland in zijn schulp is gekropen en niet openstaat voor andere culturen. "Je kunt de hoek niet om of er is iets. Het gaat erom dat we er meer mensen naartoe krijgen. Dat is de uitdaging. We moeten duidelijk maken wat er gebeurt."
Het is een constatering die steeds weer terugkomt en die tevens een belangrijke rechtvaardiging blijkt te zijn voor deze bijeenkomst. Gitta Luiten (Mondriaan Stichting) beaamt het later: "Er is inderdaad veel, maar we maken het niet zichtbaar. Het is lastig om mensen te bereiken." Jos Schuring van de Kracht van Cultuur moet echter ook dat weer rechtzetten. Er bestaan immers al etalages voor projecten, zoals www.krachtvancultuur.nl.


Spijkers met koppen
Als iets duidelijk wordt tijdens alle gesprekken is het wel dat we in de eerste plaats de luiken moeten openzetten naar elkaar en nieuwsgierig moeten zijn naar elkaar om tot een goede synergie tussen cultuur en ontwikkeling te komen. Maar we moeten ook de deuren openzetten naar een groter publiek en ook daar wringt de schoen. Twee documentairemakers in de zaal wijzen erop dat ze bij de publieke omroepen bot vangen als ze met interessante projecten komen. "Het past dan zogenaamd niet in het format", zegt een van hen, "het wordt tijd voor de 'actiegroep fuck formats'."
Gelukkig zijn er uitzonderingen op de regel. De VPRO biedt nog steeds ruimte aan programmamakers die durf, ambitie en nieuwsgierigheid tonen, zoals cineast Hans Fels en dirigent René Nieuwint die na de pauze samen met drie andere kunstenaars mogen laten zien hoe simpel het kan zijn om met cultuur ontwikkeling te stimuleren. Fels: "Ik was in 2004 in Haïti bij de val van Aristide. Temidden van al die ellende werd ik voorgesteld aan een componist die een opera had geschreven. Het was het laatste waar ik aan dacht in dat geweld. En toen dacht ik, ach waarom ook niet. Dus betaalde ik die mensen iets zodat ze door konden schrijven. Bij Stichting Doen werd het onmiddellijk serieus genomen en gefinancierd. Zo kon ik met lokale musici het land in trekken met een mobiel podium en 60.000 tot 80.000 mensen op 14 plekken bereiken."
Ach eigenlijk is het zo simpel, niet praten maar doen. Timmermans zei het al in de openingsspeech. "We moeten als Nederlanders uit onze cocon. We reizen meer maar doen in het buitenland geen moeite om ons voor anderen open te stellen." Laten we daar met z'n allen eens mee beginnen. Laten we onze ogen en oren open openen voor elkaar en voor de ander. Geen beleid maar ideeën. En ideeën zijn er genoeg. "Beginnen bij het onderwijs, we moeten kinderen prikkelen om nieuwsgierig te zijn. Van een formatonderwijs moeten we overgaan naar een open, zoekend onderwijs", oppert een van de aanwezigen."De makers moeten meer faciliteiten krijgen, er moet minder beleid komen. Het moet vlotter en sneller, misschien moeten er microkredieten voor cultuur komen," suggereert een ander.
Met de twee miljoen extra voor cultuur en ontwikkeling die minister Bert Koenders aan het eind van de bijeenkomst toezegde, kunnen de ondertekenaars van het manifest ervoor zorgen dat veel van de goede woorden van deze bijeenkomst worden omgezet in daden. Als het aan de minister ligt moet dat lukken. Koenders: "Nieuwsgierigheid alleen is te vrijblijvend. Het moet wel leiden tot concrete plannen in ontwikkelingslanden. Laten we de komende maanden spijkers met koppen slaan!"

[ < terug ]

aanverwante artikelen: