Uw zoekopdracht

Zoeken in een regio



De eerste America’s Cup in Europa
De eerste America’s Cup in Europa

De eerste America’s Cup in Europa


datum plaatsing

auteur

Judith van Ruiten


De spanning loopt hoogt op. Voor 15 december wordt reeds besloten in welke wateren de eerste Éuropese, America’s Cup in 151 jaar gevaren gaat worden. Uit de gigantische rij gegadigden zijn Napels, Lissabon, Marseille, Valencia en Palma overgebleven als potentiele gaststeden voor het winnende team Alinghi uit Zwitserland. Het maandenlang onderzoek, geleid door de hoge bazen Bertarelli, Fermanish en Bonnefou , is dan beindigd. Nautique volgt hun voetsporen en blikt vooruit op de op komst zijnde D-Day.

Wind, geld, infrastructuur, aanzien en lef; de belangrijkste ingredienten die de gaststad in huis moet hebben. Zestig steden, dorpen, beach- en yachting-clubs waren direct na het winnen van Alinghi overtuigd hieraan te kunnen voldoen. De organisatie, het Zwiterse America’s Cup Management 2007 (ACM) dacht hier heel anders over. In maart bleven er slechts acht steden over en in mei vielen Barcelona, Porto Cervo en Elba af. De vijf kanshebbers Napels, Lissabon, Marseille, Valencia en Palma, wachten nu samen met de rest van de zeilwereld in spanning op de uitslag.

Persvoorlichter van het ACM, Marcus Hutchinson: “Alles draait om de wind en het verliezen van zo min mogelijk zeildagen. Alsjeblieft niet weer een ervaring als Auckland! Een windkracht van minimaal vijf tot acht is een absolute noodzaak. In Auckland vielen er veel te veel dagen uit. De laatste drie steden vielen eveneens af wegens een minder goede wind, maar een te kleine som beschikbaar geld gaf bij deze selectie de doorslag”.

Wind en geld dus of is het geld en dan wind. Wind valt makkelijk uit te zoeken. De geldzaken zijn echter in geheimzinnigheid gehuld omdat het protocol voor de 32e America’s Cup vraagt om zwijgzaamheid en slechts een enkeling dit verbod negeert. Misschien dat KNMI- weerdeskundige en zeiler Frits Koek al wat steden kan uitsluiten voor we over gaan op de financien? Koek is bekend geworden als stuurman tijdens de Fastnet – race waarin zijn team mede dankzij Koeks weersvoorspellingen won.

Koek: “ Ik wil graag beginnen met een paar rampscenario’s. De mistral in Marseille bijvoorbeeld, afkomstig uit het Rhônedal. Als hij voorbij komt kan je zeker twee weken niet zeilen. Als het in Marseille net als afgelopen zomer heel lang niet regent is er ook weer een grotere kans op bosbranden. Brand creeërt normaal gesproken al meer wind doordat de vlammen zuurstof aantrekken, laat staan wat er gebeurt als de mistral de vlammen nog wat meer voedt. Spanje en Portugal lopen ook grote risico’s wat betreft bosbrand Ik zie de bezoekers de steden al uit vluchten vanwege de stinkende wind”.

De kranten stonden deze zomer bol van drama’s die zich mogelijk herhalen tijdens de America’s Cup 2007 die in eenzelfde zomerperiode plaats vindt. Zo kondigde Portugal de nationale rampentoestand, er woedden in totaal meer dan zeventig branden waarvan velen dichtbij Lissabon. In Frankrijk en Spanje moesten treinen op sommige delen langzamer rijden vanwege kromgetrokken rails, in onder andere Marseille werd het drinkwater op rantsoen gesteld en de autoriteiten van de landen maakten zich allen zorgen over de luchtvervuiling. Al met al niet de perfecte omstandigheden voor een America’s Cup waar miljoenen mensen op af komen per vliegtuig, trein, auto of boot.

Berarelli’s mooie Napels dan, waar het er deze zomer wel rustig aan toe ging? Koek: “Geen denken aan! Napels is veel en veel te saai. Met dat briesje krijg je net zo’n saaie cup als in Auckland. Ik denk dat het ACM ruig zeilweer zoekt. Ik kies dus, ondanks het brand en mistral-risico, voor ofwel Lissabon waar het altijd hard waait ofwel Marseille waar je in september zelfs met windkracht 7 kunt varen. Lissabon is absoluut het spannends omdat het aan de open zee ligt en je hier hoge golven vindt. Mocht het weer hier te ruig worden, dan kun je de baai invluchten en gewoon doorgaan met de race”.

Marseille dus of Lissabon. En niet het mooie Palma, de hoofstad van de eilandengroep De Balearen dat aan een 25 kilometer lange baai ligt? Of de echte zeilstad Valencia met haar rijke Romeinse historie? En ook niet het Napels waar Bertarelli zo van houdt met zijn prachtige natuurschone kustlijn? De organisaties van deze steden hebben een heel andere visie dan Koek en zijn volledig overtuigd van hun kansen.

Jaime Ensenat, burgemeester van Palma: “ Palma heeft de beste wind , de meeste ervaring in het organiseren van grote zeilevenementen als de Copa del Ray, de Princesa Sofia Trophy etc. en krijgt financiele steun vanuit een heleboel hoeken”. Jose Salinas van Valencia: “De wedstrijd kan bij de stad gevaren worden en de wind is vergelijkbaar met Auckland. Nadeel is dat we geen internationale allure hebben en geld is natuurlijk altijd een probleem”. Rocco Pappa, loco- burgemeester van Napels: “Wij hebben internationale allure en de natuur en historie is in Napels het mooist. Bovendien vinden wij Italianen altijd genoeg geld voor dit soort geweldige projecten”.

Volgens Tony Thomas, een van de organisatoren van de cup in Auckland is het vinden van geld echter zo makkelijk nog niet.

Geld

Hoeveel geld moeten de steden eigenlijk apart zetten en hoe belangrijk is geld? Volgens het protocol voor de 32 e America’s Cup moeten belanghebbenden neutraal blijven. Hutchinson laat alleen los dat het alle steden op dit moment schort aan geld en aan voorzieningen: “De infrastructuur moet in alle steden uitgebreid worden. Gerekend wordt op 300 tot 400 000 bezoekers uit alle hoeken van de wereld, 10 tot 17 teams en honderden journalisten en sponsors. Het is een feit dat niet alle vijf de steden in staat zijn tot zo’n grote investering”.

Het Zwiterse America’s Cup Management 2007 (ACM) voelde hen maanden lang aan de tand. Het vuistdikke in juni overhandigde “handboek van kandidatuur” met daarin 81 vragen zal de definitieve uitslag bepalen. lijkt de organisatie van de America’s Cup 2007, het America’s Cup Management (ACM) met name te draaien om de wind en daarmee het verliezen van zo min mogelijk zeildagen. Maar ook het aanzien van de stad, de bereikbaarheid, hotelvoorzieningen, havenplaatsen, of de wedstrijd bij de stad gevaren kan worden of erbuiten en uiteraard geld!

Gerekend wordt op 300 tot 400 000 bezoekers, 10-17 teams en honderden journalisten en sponsors. Volgens de persvoorlichter van het ACM, Marcus Hutchinson was het op basis van deze criteria heel makkelijk om tot de shortlist van vijf steden te komen. “Van de honderden aanvragen hebben we direct na het winnen van Alinghi zestig steden geselecteerd om in maart acht kanshebbers over te houden. De diverse beachclubs van heinde en verre konden we er natuurlijk meteen uitgooien en van steden als … … was het ook direct duidelijk dat ze niet de kwaliteiten hadden voor een dergelijke organisatie”.

[ < terug ]

aanverwante artikelen: