We zijn niet meer gewend aan rust in de media |
|
datum plaatsing |
Week 26, 2006 |
medium |
VPRO-gids |
auteur |
Diederik Samwel |
Onze hoofdpersoon bereidt zich voor op een belangrijke gebeurtenis. Deze week radio- en tv-maakster Djoeke Veeninga vlak voor het 20-jarig jubileum van het Marathoninterview van VPRO’s De Ochtenden op 4 juli. Woensdag 13.45 uur, veel ruis op de lijn ‘Met Djoeke. (…) Leuk, ik doe mee. Punt is alleen dat ik op vakantie ben. In Zuid-Spanje, Andalusië. Ik weet niet of ze je op en neer laten vliegen. O, dat zit er niet in? Dan moet het maar telefonisch. Bel me vanmiddag, na de wedstrijd van Spanje. We gaan in het dorp kijken.’ 17.20 uur ‘Vlak na rust zijn we maar naar huis gegaan, zo gezellig was het. In het ene café zat welgeteld één oude man bier te drinken, met z’n rug naar het televisietoestel. Een kroeg verder zaten vier Spanjaarden rustig te eten; de tv stond aan maar daar hadden ze geen aandacht voor. Het nationale voetbal vinden ze hier veel belangrijker.’ Twintig jaar marathoninterviews: wat staat ons op 4 juli te wachten? ‘Ik moet bekennen dat ik dat niet precies weet. Vóór mijn vakantie waren ze nog van plan een paar geïnterviewden voor een half uur terug te halen. Vond ik geen goed plan; het staat haaks op het karakter van het marathoninterview.’ Wat is precies dat karakter? ‘Dat je drie uur heel intensief met iemand in gesprek bent. Vroeger was het zelfs vijf uur, non-stop; heb ik zelf ook nog gedaan. Toen was het helemáál zonder onderbrekingen; ook niet door het nieuws. Dat is nu ondenkbaar met die strakke indeling. Eerlijk gezegd hebben we bij de overgang van vijf naar drie uur van de nood een deugd gemaakt: vijf uur is wel erg lang. Het idee kwam van Roel van Broekhoven. Zo lang een gesprek voeren dat je je afvraagt hoe lang de ander het volhoudt en of er niemand in slaap valt. In de begintijd zaten we ook letterlijk met elkaar opgesloten, in een geïsoleerde ruimte, met doeken geblindeerd. We vroegen de gasten wel om muziek mee te nemen, voor het geval het echt niet meer zou gaan. En er moest wel eens iemand naar de wc natuurlijk.’ Hoe bereidt u zich voor op zo’n ellenlang gesprek? ‘Eerst bestudeer ik wat iemand vakmatig heeft gedaan. Maar het gaat in het marathoninterview vooral om de combinatie tussen wat iemand heeft bereikt en zijn persoonlijke biografie. Wat is zijn of haar achtergrond, welke keuzes maakt iemand? Behalve inlezen en opzoeken praat ik veel met collega’s en vrienden om erachter te komen hoe iemand privé is. Op basis van alle informatie maak ik veronderstellingen en kijk ik tijdens het interview of het klopt. Waar liggen iemands zwakke of kwetsbare punten? Waarbij ik er niet op uit ben iemand onderuit te halen. Meestal zit ik er niet zo bovenop.’ Omdat u nog anderhalf uur verder moet met uw gast… ‘Dat speelt zeker mee. Natuurlijk zijn er wel eens irritaties. Maar het is mij nooit overkomen dat ik het contact verloor. Een kort interview is vaak een invuloefening, waar nieuws of achtergrondinformatie uit moet komen. Bij een marathoninterview zijn we echt nieuwsgierig en gaan we een stap verder.’ Op 14 juli hebt u een marathoninterview met advocaat Gerard Spong. Wat verwacht u daarvan? ‘Ik ben ongeveer drie weken met hem bezig, tot hij helemaal in mijn hoofd zit. Een paar dagen voor het interview probeer ik afstand te nemen om weer zo veel mogelijk nieuwsgierigheid te wekken. Spong vond drie uur trouwens te lang. Dat betekent dat hij ’s ochtends drie uur niet kan werken en dat kan hij zich niet veroorloven, zegt hij. Daarom nemen we het voor deze keer de avond van tevoren op. Daarnaast heeft hij gezegd dat hij niet weer over zijn jeugd in Suriname wil praten en ook niet over zijn vader die psychiater is. Psychologiseren doet hij liever niet. Ik heb gezegd dat we niet drie uur kunnen praten zonder persoonlijk te worden. Daar kon hij wel in komen, geloof ik.’ Hoe lang mag een stilte duren op de radio? ‘Heel lang. Zolang het door interviewer en geïnterviewde maar op een natuurlijke wijze wordt ingevuld. Toch moet ik soms ingrijpen; dan realiseer ik me dat een bepaalde stilte nergens toe leidt. Verder is een stilte prima. Het lijkt alleen of we dat niet meer gewend zijn. Maar het is toch juist mooi om te horen hoe iemand stil valt of rustig de tijd neemt om na te denken?’ Wanneer hebt u het gevoel dat een interview goed loopt? ‘Dat weet ik meestal pas na afloop. Met Hirsi Ali bijvoorbeeld, een paar jaar geleden. Toen was ik hartstikke ziek. Tot het laatste moment heb ik overwogen om de boel af te blazen. Maar niemand kan het overnemen. Tijdens het eerste uur ben ik even weggelopen. Ik kreeg het zo benauwd dat ik tegen Ayaan zei dat ze maar even alleen verder moest praten. Aan het eind zat ik echt af te tellen. Toch is het achteraf een heel bijzonder gesprek geworden, misschien juist dankzij die situatie. Juist in die tijd haalde zo’n beetje elke uitspraak van Ayaan de voorpagina’s. Daarom wilde ik een gesprek voeren dat geen enkele quote in de media zou opleveren. En dat is prima gelukt; we hebben geen enkele publiciteit gehaald. In het interview heb ik gezocht naar nuances en haar vooral gevraagd waarom ze zich zo gedraagt in de media: altijd zwart-wit, zonder grijstinten. Haar antwoord was dat ze altijd het gevecht wil aangaan, een echt debat wil. Hoewel dat met mij niet gebeurde, vond ze het zelf geloof ik ook wel een goed interview.’ Wat doet de redactie aan nazorg na drie uur interviewen? ‘Na afloop gaan we lekker lang napraten met de regisseur en met de redacteur die elk uur de samenvatting heeft gemaakt. Die heeft heel intensief meegeluisterd. Je merkt dat de gasten doodmoe zijn. Ze hebben zich vaak volkomen overgegeven. Dat heeft ook iets beangstigends. Want ergens komt een moment dat de controle wegvalt. Hoewel iemand als Ad Melkert zo bang was om de controle te verliezen dat hij te veel op de vlakte bleef. Het omgekeerde gebeurt ook: dat gasten plotseling heel intiem worden.’ Hebt u later nog contact met uw gasten? ‘Met sommigen maak ik wel eens een praatje. Soms ook helemaal niet. Met Kristien Hemmerechts bijvoorbeeld. Met haar heb ik van begin af aan een heel intiem gesprek gevoerd. Over haar liefdes, dood, drijfveren, de keuzes die ze in haar leven had gemaakt. Ik had het gevoel dat ik heel diep tot haar kon doordringen. Alsof we al jaren een hechte persoonlijke band hadden. Maar na die drie uur was het ook gewoon voorbij en heb ik haar ook nooit meer gesproken. Dat is wel een merkwaardige ervaring.’ 18.20 uur Hoe zit het met de toekomst van het marathoninterview? ‘Deze zomer doen we er vijf. Wat daarna gebeurt is onzeker. Ik weet niet hoe de VPRO uit de onderhandelingen is gekomen over de zendtijdverdeling. De Ochtenden gaat naar tweeënhalf uur.’ Is er nog toekomst voor lange radioprogramma’s? ‘Ik denk het wel. Al hoor je vaak dat te weinig jonge mensen naar de radio luisteren. Misschien dat de jongere generatie het niet meer kan. Dat de spanningsboog steeds korter wordt, waardoor informatie alleen nog in korte brokken wordt aangeboden. Misschien gaan we allemaal met de tijd mee. Als ik zelf naar radio van dertig jaar luister, vind ik het ook te traag. Maar waar vind je nog rust in de media? Er komen steeds meer, steeds kortere programma’s. Misschien is het een kip-ei verhaal. Wanneer je geen lange lessen, verhalen of programma’s meer aanbiedt, kom je er ook niet achter of er publiek voor is. Maar ach, dat vertel ik jou onder invloed van de rust en stilte van Zuid-Spanje.’[ < terug ] Dit artikel is auteursrechtelijk beschermd. Indien dit artikel interessant is voor uw website, bieden wij u de mogelijkheid het te gebruiken. Neem hiervoor contact op met Nostraverus.
|
|
