Uw zoekopdracht

Zoeken in een regio



Ronald Giphart: ‘Applaus is lekker’
Ronald Giphart: ‘Applaus is lekker’

Ronald Giphart: ‘Applaus is lekker’


datum plaatsing

2005 nr. 36

Medium

NL10

auteur

Suzanne Stam


Schrijven is eenzaam. Als Ronald Giphart na maanden van Spartaanse opsluiting zijn ei gelegd heeft in de vorm van een boek, is het een feestje om er dingen naast te doen. Lezingen, tv-programma’s en theatershows. “Het zijn werelden waar ik uit put voor het schrijven van mijn romans.”

“Zo zie ik er normaal niet uit hoor”, laat Ronald Giphart weten terwijl hij zich uit zijn pak hijst in de theaterkleedkamer. “Speciaal voor de show ontworpen door Hans Ubbink. Heb je die teksten al af?”, vraagt hij aan Martin Bril die met (verrassend strak) ontbloot bovenlijf achter z’n laptop zit. “Gelukkig voor jou dat Chabot er niet bij is, want met z’n drieën zijn we een boysgang. Die groepsdynamiek werkt goed in de zaal maar voor individuen en met name vrouwen is dat enorm overrompelend.”
Ronald Giphart, Bart Chabot en Martin Bril toeren met ‘Giphart, Chabot met Bril’ door de Nederlandse theaters. Op 8 november staan ze in het Isala Theater in Capelle aan den Ijssel. Giphart is ook te zien op het Lezersfeest op 5 november in de Bibliotheek.

Gezellig, een lang weekend Rotterdam!
“Ik kom uit Dordrecht en draag Rijnmond een warm hart toe! Ooit heb ik een gedicht geschreven over de Witte de Withstraat want ik ben een liefhebber, de Witte Aap, Hung Kee. En ik ben een oprecht Feyenoordaanhanger. Mijn oma is ooit met het schip De Grote Beer naar een wedstrijd in Lissabon tegen Benfica afgereisd. In het stadion zaten alle Feyenoorders verspreid en zat ze naast Portugezen. Toen Feyenoord scoorde, durfde ze niet te juichen. Toen ik dat hoorde, was ik meteen fan.”

Nu sta je met Chabot en Bril in het theater, hoe is die boysgang ontstaan?
“Na mijn laatste roman Troost had ik enorme zin om te toeren. Op een feestje kwam ik Bart Chabot tegen. Die miste het theater ook na Hermans overlijden en wilde dolgraag maar zoals hij zei ‘Brood is dood’. Waarop ik tot vreugde van Bart voorstelde samen te gaan. Op een dag kwam Martin Bril totaal onverwachts op bezoek bij Chabot en toen hij van onze plannen hoorde, wilde hij ook mee. Martin is een leuke vent, ziet er goed uit dus ik heb aan mijn vriendin gevraagd of we Martin mee moesten nemen. M’n vriendin zat soppend op de bank, jaaaa, Martin moest ook mee.”

Drie schrijvers op een podium, volgens de aankondiging op de rand van een midlifecrisis. Klinkt vrolijk.
“Die midlifecrisis slaat nergens op! Martin moest snel een tekstje in elkaar flansen en kwam hiermee. We brengen literair variété met theatrale middelen en choreografie. Lezen voor uit eigen werk, vertellen verhalen, dragen gedichten voor. Over de liefde, dood, eenzaamheid, seks. Het is hilarisch, mooi, grof, ontroerend. Tijdens de voorstelling kan het publiek sms-en en na afloop sms-en we een uniek gedicht terug. Een geramde show. Laatst kregen we een staande ovatie.”

En dat vind je wel lekker?
“Tuurlijk is dat lekker! Als ik een lezing geef in een bibliotheek, bereid ik niets voor. Het applaus dan is ook fijn. Maar dit is hard werken, we zetten een groepsprestatie neer. Voor we opgaan, pakken we elkaar goed beet zoals volleyballers en schreeuwen ‘We pakken ze!’. Een soort niet-seksuele homoseksualiteit.”

Niet bang dat je na een voorstelling weer overvallen wordt door somberheid en niet kunt slapen?
“Bij mijn vorige theatershow met Joost Zwagerman was dat zo ja. Hoe beter het ging, hoe somberder we in de auto terug zaten. Zo erg dat ik er niet van kon slapen. Dat heb ik gebruikt om ’s nachts de Voorzitter te schrijven. Nu heb ik dat nachtritme niet meer omdat ik kinderen heb. Maar het is een bekend verschijnsel; als mensen heel erg gepiekt hebben, voelen ze zich daarna kut. Met seks heb je dat ook, post-coïtis tristes, na-neukse triestheid.”

Je hebt met Theo van Gogh een filmscript geschreven waarvoor de opnames in januari zouden beginnen. Maar Theo is dood en Willem van de Sande Bakhuizen, de regisseur van ‘Ik omhels je met duizend armen’, is vorige maand overleden. Heftig.
“Willems dood was dramatisch maar we wisten dat hij ziek was. De dood van Theo een schok. Katja Schuurman en Tara Elders zouden de hoofdrollen spelen in ‘Bad’, een roadmovie. Maar het is zo’n beladen project nu, ik weet ook niet of we het voort moeten zetten. Ik ben nu bezig met de film ‘Mooie Mama’ met Robert Jan Westdijk en ik heb hem al gewaarschuwd dat het niet gezond is om met mij een film te maken.”

Mooie mama, een film over braaf moederschap?
“Over een vrouw van 31 die in verwachting is van een oudere man. Ze woont naast een studentenhuis waar allemaal goedgelijfde roeiers wonen die haar wel ineressant vinden. Zij brengt hun het hoofd op hol en uiteindelijk gaat ze in op al die aandacht.”

Je laatste roman Troost ging over een kok, die daarvoor over een voorzitter van een voetbalclub. Sla je bewust een andere, minder studenten-achtige weg in?
“Ik heb de naam een studentenschrijver te zijn maar mijn laatste boek over studenten is uit 1995. Die reputatie blijft blijkbaar lang bestaan. Het zou voor een vent van veertig wel gênant zijn als ik pretendeer dat ik nog over het studentenleven kan schrijven. Alles wat ik naast het schrijven doe, theater, tv, optredens, helpt me bij het schrijven van romans. Het zijn werelden waar ik uit put en die ik verwerk in mijn boeken. Alhoewel ik het nog steeds mooi vind om te zien hoe mensen zich tussen hun 21e en 28e ontwikkelen tot de persoon die ze gaan worden. Tussen je 31e en 39e verander je nauwelijks. Nu heb ik een rustig leven met kinderen. Erg saai misschien maar wel rustgevend.”

Is dat ook de reden dat het seksgehalte in je laatste boeken laag was?
“Troost ging over een kok. Koken en seks zijn beide zinnelijke dus er moest er één verdwijnen en dat werd de seks. Er wordt veel over seks gesproken, in het echte leven wordt er ook hopelijk veel aan gedaan en ik heb er al veelvuldig over geschreven.”

O, geen Giphart-seks meer?
“Wellicht in een volgend boek weer. Bij bibliotheeklezingen krijg ik vaak de vraag waarom ik zoveel over seks schrijf. We zijn er allemaal uit voortgekomen zeg ik dan. Er komen altijd van die oude vandagen uit 1928 naar me toe die zeggen dat ze zo graag nu jong zouden zijn. Of mensen die zeggen dat ze wel wat meer als mijn personages hadden willen zijn. ‘Wat zonde’ denk ik dan.”

Waarom?
“Mensen zijn bang om niet ten volle te leven en er uit halen wat er in zit. Er wordt nog steeds neergekeken op vrouwen die zogenaamd ‘sletten’. Bij mannen is het wel geaccepteerd dat ze rondneuken. Ik vind dat vrouwen zich niet moeten schamen als ze geil zijn en daaraan toegeven. Mijn moeder was een losbol, die had een hele harem. Dat was mooi om te zien. Veel vriendinnen van mij ‘sletten’. Ook mijn eigen vrouw heeft niet stilgelegen voor ze mij tegenkwam.”

Jij toch ook niet?
“We hebben beide goed geleefd. Mensen denken dat ik de dingen die ik in mijn boeken beschrijf allemaal gedaan heb. Maar er zit natuurlijk veel verbeelding bij. Ik ben inmiddels acht jaar getrouwd en nu zijn mijn kinderen het belangrijkste. Ik ben niet meer dan drie avonden per week weg. Laatst had het management een voorstelling in hun herfstvakantie gepland. Meteen afgezegd want kinderen gaan voor alles. Als je me tien jaar geleden had gevraagd wat mijn grootste angst is, had ik gezegd niets. Nu is mijn angst dat mijn kinderen iets overkomt of dood gaan voor mij of op veel te vroege leeftijd.”

Wat kunnen we nog zoal van je verwachten na de theatertoer?
“Ik hoop een vervolg op ‘Giph’ en ‘Ik omhels je...’ waarin Giph een verhouding krijgt met een hoogzwangere vrouw. Wellicht een boek samen met Herman Brusselmans, we hebben net samen een verhaal geschreven voor Dif. Verder een roman over het Utrechtse studentenverzet in de Tweede Wereldoorlog. Ja, ik weet het, lange periodes van eenzame opsluiting, niet naar de kroeg. Maar ik ben nou eenmaal schrijver dus ik leef om mooie grootse boeken te schrijven.”

Geboortedatum: 17 december 1965
Geboorteplaats: Dordrecht
Opleiding: Baarnsch Lyceum
Carrière: Giphart studeerde drie jaar Nederlands in Utrecht en werkte vijf jaar als nachtportier in een ziekenhuis. Tijdens de nachtdienst deed hij niets dan schrijven met als resultaat zijn debuut ‘Ik ook van jou’ in 1992. Een jaar later volgt ‘Giph’ en in de jaren tot aan nu volgen nog twaalf boeken. Daarnaast is Giphart columnist voor diverse media en werkt hij voor diverse tv-programma’s.
In 2001 wordt zijn debuutroman verfilmd. De verfilming van ‘Ik omhels je met duizend armen’, de roman uit 1995 over de dood van zijn moeder, komt in 2006 in de bios.
Beste boek: De Procedure van Harry Mulisch
Meer weten: www.giphart.nl

[ < terug ]

aanverwante artikelen: