Wie weet wat wanneer waar gebeurde in Delft? |
|
datum plaatsing |
juni 2006 |
medium |
Yours |
auteur |
Jesse Budding |
De redactie van Yours ging opnieuw rondstruinen naar feitjes en cijfers uit heden en verleden van Delft. Ooit geweten dat de stad zwart zag van de bierbrouwerijen? Of dat Lombardijnse handelaren uit de middeleeuwen uiteindelijk de naam gaven aan een cabaretfestival dat nu nog steeds plaatsvindt? En dat de groei van Delft juist de ondergang betekende van het bierbrouwersgilde alhier? Delfts Triviant deel twee. Waarom zijn zwart en wit eigenlijk de Delftse kleuren? Wit-zwart-wit. Saaier kan het eigenlijk niet - en dat voor zo’n mooie stad. Maar wie zo’n oude tweekleur beter bekijkt, ontdekt vaak golfjes in de zwarte baan. En legt daarmee meteen de betekenis van het dundoek bloot: het zwart staat voor het water van, waarschijnlijk, de Oude Delft, het wit voor de oevers. De vlag werd pas in 1996 officieel vastgesteld door de gemeenteraad, maar werd al eeuwen geleden gebruikt, bijvoorbeeld op de Delftse schepen van de VOC. Wat betekent de straatnaam Cameretten?De naam Cameretten dateert al uit de Middeleeuwen. Op de plaats van het huidige pleintje stond toen het Wollen Wanthuis. Dat was een lakenhal, waar handel werd gedreven. Het gebouw bestond uit vier kamers, of cameren. In de veertiende en vijftiende eeuw gebruikten handelaren uit Lombardije het gebouw. Die veritaliaansden de Cameren naar cammarette. Het exotische woord heeft voor veel schrijfproblemen gezorgd in Delft. In de eeuwen die volgden is het plein in de kronieken opgedoken als Camaretten, Cabinetten, Kabaretten en Kaboretten. Pas in 1976 kwam een verslaggever van de Delfsche Courant erachter dat van de vier straatnaamborden er twee Camaretten en twee Cameretten meldden. Pas in 1997 besloot de gemeenteraad definitief dat het Cameretten moest zijn. Hier ligt onder meer het Koornbeurspand, waar in 1966 voor het eerst een cabaretfestival plaatsvond: het Camerettenfestival. Dit festival is al lang en breed verplaatst naar Rotterdam. Maar het draagt nog steeds de naam van het pleintje waar het ooit begon. Hoeveel bierbrouwerijen heeft Delft in het verleden geteld? Graaf Willem II verleende Delft op 15 april 1246 stadsrechten. Handel en nijverheid kwamen er tot grote bloei. Langs de grachten zag het bijvoorbeeld zwart van de bierbrouwerijen. In de zestiende eeuw waren het er zelfs tweehonderd! Die hun water overigens rechtstreeks uit de gracht haalden. Mede door deze nijverheid groeide Delft uit tot een rijke en grote stad. Maar door de stadsuitbreiding in de Gouden Eeuw raakte het kanaalwater zo verontreinigd dat er echt geen fatsoenlijk bier meer van te brouwen viel. Gevolg: menige brouwerij ging bankroet. Vandaag de dag is er geen brouwerij meer te vinden in het Delftse. Welke Delftse predikant was bekender als dichter? In 1852 vestigde de destijds zeer populaire remonstrantse predikant P.A. de Génestet (1829-1861) zich in Delft. Hij was, evenals meer dominees in die tijd, vooral bekend als dichter. Hij keerde zich in zijn ‘Leekedichtjes’ onder andere tegen zowel onverdraagzaamheid als tegen onverschilligheid. Zijn populariteit was de oorzaak van een vrij grote stijging van het aantal (remonstrantse) kerkgangers. Eveneens in 1852 trad hij te Bloemendaal in het huwelijk met Henriëtte Bienfait. Ze kregen samen twee kinderen. Maar daarna nam hun leven een ongelukkige wending. In 1859 stierven Henriëtte en een kind beiden aan tbc, en moest hij wegens zijn zwakke gezondheid ontslag nemen als predikant. Hij vestigde zich toen in Amsterdam, maar hij bracht de zomers grotendeels door in Bloemendaal. Reeds twee jaar later, in 1861, overleed ook hij te Rozendaal aan de gevolgen van tbc. Welke autospuiter uit de Wippolder werd vooral bekend als volkszanger? In de garage vermaakte autospuiter Nico Haak zichzelf en anderen met moppen tappen, fluiten en zingen. In 1970 werd hij volgens ‘Delft op Zondag’ - onder werktijd - ontdekt door Martin Stoelinga, toentertijd de manager van twee andere bandjes. Op zijn advies verzon hij samen met zijn bovenbuurman Polle Eduard (destijds Tee Set en After Tea) een aantal liedjes. Haak trok zijn overall uit, stapte de planken op en vormde een bandje onder de naam ‘De Paniekzaaiers’. Uiteindelijk brak Haak in 1973 definitief door met Joekelille. Hij continueerde dit succes met Honkie Tonkie Pianissie en Sokkies Stoppen. Zonder Eduard scoorde Haak in 1975 zijn grootste hit: Foxie Foxtrot. Met de Duitse vertaling Schmidtchen Schleicher wist hij ook de oosterburen gek te maken. In 1978 sloegen Haak en Eduard de handen weer ineen. Met als resultaat zijn laatste grote hit: Is je moeder niet thuis? Haak bleef in de jaren tachtig een graag geziene gast in het schnabbelcircuit, maar zijn vroegere successen wist hij niet meer te evenaren. In 1990 ging hij aan de drank ten onder. Zijn Delftse ambtenaren ook zulke koffieleuten? Voor collega’s elders in den lande doen Delftse ambtenaren inderdaad niet onder, zo bleek onlangs maar weer. De gemeente kocht voor 135.000 euro 54 nieuwe automaten in voor koffie, warme chocolade en dito water. Deze hebben een plaats gekregen in de diverse panden, waarin de ongeveer 1700 ambtenaren zijn gehuisvest. In tegenstelling tot het verleden zijn ze nu allemaal afkomstig van één leverancier. ‘En de koffie smaakt nog even goed als vroeger’, aldus een woordvoerster. Welke Delftse bracht Nederland het eerste Olympische atletiekgoud sinds Fanny Blankers-Koen? De latere Olympisch kampioene Ria Stalman zette haar eerste schreden in de discusring van de Delftse Hout. Ondertussen liep haar zus Anneke zich in het zweet op de sintelbaan: haar specialiteit was de achthonderd meter. Later verkaste Stalman naar het Haagse Sparta en toen het maar crescendo bleef gaan, emigreerde ze zelfs naar de Verenigde Staten. Maar hoe goed ze ook werd, nooit kon ze het bolwerken tegen de anabolenkolossen uit het toenmalige Oostblok. Tot in 1984 een stel hoogbejaarde heren in het Kremlin plots besloot dat Sovjetatleten niet op de Spelen van Los Angeles zouden acteren. Moskous vazalstaten lieten spoedig om dezelfde reden verstek gaan. Dankjewel, zei Stalman en pakte haar eerste en laatste kans op goud. Tegenwoordig werkt Stalman als commentator voor Eurosport. Werd er ooit betaald voetbal gespeeld in Delft? Jazeker wel. DHC, oftewel Delfia Hollandia Combinatie, speelde van 1954 tot 1967 betaald voetbal. Dat wil zeggen: eerste en tweede divisie – die bestond toen dus nog. Een fusie met het Rotterdamse Xerxes leidde in 1967 tot het felbegeerde eredivisieschap. Xerxes/DHC, dat illustere namen kende als Willem van Hanegem, Eddy Treytel en Hans Dorjee, eindigde in het eerste jaar zelfs als zevende. Maar de club uit de Delftse Hout bleek een doodgeboren kindje: aan het eind van het seizoen moest het faillissement worden aangevraagd. DHC trad uiteraard niet meer terug tot de profgelederen. In 1983 en 1985 werd DHC kampioen bij de zondagamateurs. Hoeveel inwoners telt Delft eigenlijk? Per 1 augustus 2006 telde de Prinsenstad 94.512 inwoners. De bevolkingsdichtheid kwam daarmee op bijna 4100 inwoners per vierkante kilometer. Naar verwachting zal de bevolking in 2014 gegroeid zijn tot 98.880. Maar de 100.000 zit er niet meer in, want na 2014 zal het inwonertal langzaam gaan afnemen. Overigens was Delft tot de zeventiende eeuw een van de grootste steden van Holland. In 1400 had de stad bijvoorbeeld 6500 inwoners en was daarmee de derde stad in grootte, na Dordrecht en Haarlem. In 1560 was Amsterdam met 28.000 inwoners uitgegroeid tot de grootste stad, gevolgd door Delft, Leiden en Haarlem met elk ongeveer 14.000 inwoners. Bronnen: Algemeen Dagblad, Statistisch Jaarboek 2005 gemeente Delft, http://www.delftsepauw.com, http://nl.wikipedia.org, http://nltaal.blog.nl, http://www.monument.delft.nl, http://www.dhc-delft.nl. [ < terug ] Dit artikel is auteursrechtelijk beschermd. Indien dit artikel interessant is voor uw website, bieden wij u de mogelijkheid het te gebruiken. Neem hiervoor contact op met Nostraverus.
|
|
