Uw zoekopdracht

Zoeken in een regio



Gebrek aan schoolkeus doet ouders klagen

Gebrek aan schoolkeus doet ouders klagen


datum plaatsing

7 september 2009

medium

NRC

auteur

Leo Prick


In de kranten en op internet is een levendige discussie losgebarsten over de kwaliteit van het onderwijs. Dit naar aanleiding van verschillende onderzoeken, onder meer door het tijdschrift J/M, naar de tevredenheid van ouders over het onderwijs. Die onderzoeken maken duidelijk dat ouders in het algemeen redelijk tot zeer tevreden zijn aan het begin van de basisschool. Dat gevoel van tevredenheid neemt in de loop der jaren geleidelijk af en eindigt met matig tevreden als hun kinderen in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs zijn aanbeland. Een tweede duidelijke tendens: ouders zijn meer tevreden over de school van hun eigen kind(eren) dan over het onderwijs in het algemeen.

Om met het tweede te beginnen: dat lijkt me logisch. Vooral wat betreft de basisschool hebben ouders in het algemeen een ruime keuze en ze kiezen voor een school met opvattingen over opvoeding die overeenkomen met die van henzelf, en die het beste aansluit bij de aanleg en interesses van hun kind. Die bewuste schoolkeuze kan ook resulteren in een school die door de inspectie als zwak wordt beoordeeld. Die ouders vinden andere dingen zeker zo belangrijk zoals bijvoorbeeld de identiteit of de warme sfeer of de vrijheid die de kinderen er krijgen, en zij zijn tevreden over de school van hun keuze omdat die daar alle aandacht aan geeft.

Naarmate hun kinderen ouder worden en de citotoets dichterbij komt gaat een factor meespelen die tot dan toe voor veel ouders niet zo belangrijk was, namelijk de vraag of de school wel een goede leerschool is. En als dat in hun ogen onvoldoende het geval is, zal dat hun tevredenheid negatief beïnvloeden.

Wat het voortgezet onderwijs betreft, daar hebben ouders in veel regio’s nauwelijks iets te kiezen, en naarmate kinderen ouder worden zijn de eventuele problemen die ze met zich meebrengen ook ernstiger. Omdat veel scholen de leerlingen in de bovenbouw een zelfstandigheid toedichten die ze op die leeftijd nog niet bezitten, is het begrijpelijk dat veel ouders vinden dat scholen tekortschieten.

Opvallend in de discussies is verder dat de ontevredenheid over het onderwijs steeds weer wordt verklaard als afkomstig uit twee bronnen. De eerste schuldige is de vaak al wat oudere, rancuneuze, maar hoe dan ook elitaire eerstegraads leraar met als belangrijkste spreekbuis de BON. De leden van deze club worden getroffen door harde verwijten omdat zij, zelf leraar, bevuilers zijn van het eigen nest, verraders in Onderwijsland. Landverraders dus. Redenen genoeg om hun kritiek niet serieus te nemen.

De tweede schuldige in de ogen van onder meer het Nationaal Onderzoek Tevredenheid Onderwijsinstellingen is ‘de berichtgeving in de media’. Die berichtgeving zou verklaren waarom ouders het onderwijs dat ze niet kennen negatiever beoordelen dan de school van hun eigen kinderen. Die redenering slaat natuurlijk nergens op. De dames en heren van het Nationaal Onderzoek Tevredenheid Onderwijsinstellingen geven, naar wij aannemen, de bakker van hun keuze ook een hoger cijfer dan bakkers in het algemeen. En hetzelfde geldt uiteraard voor ouders. Die vinden de school van hun keuze ook beter dan er gemiddeld wordt aangeboden. En dat verklaart dan ook meteen de grotere discrepantie tussen de tevredenheidscores aan het begin van de basisschool en later in het voortgezet onderwijs. Voor wat betreft het basisonderwijs konden ze kiezen uit verschillende warme bakkers maar voor wat betreft het voortgezet onderwijs zijn ouders in vooral landelijke gebieden en ook in sommige steden aangewezen op het fabrieksbrood van de supermarkt.

De kritiek op de onderwijsberichtgeving in de media is overigens nogal wrang. Wat je de media kunt verwijten is niet hun negatieve houding, maar eerder hun onverschilligheid voor het onderwijs. Zij hebben niet of nauwelijks bericht over de belangrijke hervormingen die het voortgezet onderwijs de afgelopen jaren heeft gekend. Hetzelfde geldt voor de fusies. Dat het onderwijsaanbod door de almaar voortdenderende fusiegolf steeds verder verschraalde, heeft slechts de aandacht van de media kunnen wekken in de enkele gevallen dat invloedrijke ouders van gymnasia daartegen in opstand kwamen. De media zijn pas aandacht aan onderwijs gaan besteden toen een zelfonderzoek door politici in 2007 duidelijk maakte dat men in het beleid vergeten was rekening te houden met de mening van leraren en ouders. Inmiddels wordt er wel naar hen geluisterd. Dat hun stemmen soms wat schril klinken komt door het vele oude zeer waar ze mee zitten, maar dat mag niemand verhinderen ze nu eindelijk eens serieus te nemen.
[ < terug ]

aanverwante artikelen: