Uw zoekopdracht

Zoeken in een regio



Noorse topvrouw is vaak Deens of Zweeds

Noorse topvrouw is vaak Deens of Zweeds


datum plaatsing

Oktober 2008

medium

Trouw

auteur

Petra Sjouwerman


Noorse bedrijven halen vrouwen uit het buitenland om te voldoen aan de quotaregeling voor bestuursraden.


Sinds januari van dit jaar moeten bestuursraden van Noorse publieke ondernemingen voor minstens 40 procent uit vrouwen bestaan. Maar er zijn niet genoeg gekwalificeerde vrouwen in Noorwegen en daarom gaan Noorse bedrijven op klopjacht in andere Scandinavische landen, zoals Zweden en Denemarken. “Bedrijven verruimen hun zoekveld,” bevestigt Trond Randøy, hoogleraar economie aan de universiteit van Agder.

Deze vrouwen blijven in eigen land wonen en reizen af en toe naar Noorwegen. Er is een ander voordeel: “De Scandinavische talen lijken op elkaar. Iedereen spreekt de eigen taal en het is toch te begrijpen,” vertelt de Deense Helle Trap Friis (55), die sinds het begin van dit jaar een bestuurspost heeft bij het Noorse InTelecom. In dit bestuur zit verder één Noorse vrouw, één Zweedse vrouw en drie Noorse mannen. “Het bedrijf koos mij uit vier andere Deense vrouwen.”

Onderzoekster Marit Hoel van het Noorse Center voor Corporate Diversity, een centrum dat in opdracht van twee ministeries al vijf jaar de samenstelling van bestuursraden volgt, spreekt van ‘een duidelijke trend’. “Wij zijn het eerste land met een quotaregeling, dus Noorse bedrijven kunnen de beste vrouwen uit Zweden en Denemarken kiezen.”
Tegelijkertijd waarschuwt Hoel voor een andere trend. “We zien nu vrouwen die bijna bestuursposten verzamelen. Dat is geen goede ontwikkeling, want dan ontstaat er een vrouwelijke pendant van het Old Boys netwerk, waaraan deze wet juist een einde moest maken.”

De quotaregeling wordt in Noorwegen alom geprezen. Onlangs nog door de Noorse minister van kinderzaken en gelijkstelling. “Ik denk dat deze verandering (wet PS) bedrijven meer innovatief heeft gemaakt,” schreef zij in een opiniestuk in de krant Aftenposten.
Maar onderzoek duidt daar niet op. “Niets wijst erop dat méér vrouwen in besturen de winst van een bedrijf positief beïnvloeden,” zegt Trond Randøy, hoogleraar economie aan de universiteit van Agder, en één van de weinigen die zich kritisch uitlaat over de 40-procentnorm. “In het politiek-correcte Noorwegen, durven maar weinigen hun mening te zeggen.”

Naast de principiële kwestie dat de wet de vrijheid van eigenaren van bedrijven beperkt, vindt Randøy de wet vooral nadelig voor kleine technisch gespecialiseerde bedrijven. “Zij kunnen geen bestuursleden kiezen met de beste kwalificaties, maar moeten voldoen aan een quota. “Maar Noorwegen is een extreem rijk land, dus kunnen wij het ons veroorloven om te experimenteren,” zegt Randøy.
Zijn onderzoek toont aan dat vrouwen gemiddeld tien tot twintig jaar jonger zijn dan hun mannelijke collega’s. “Reder John Frederiksen van Frontline, één van de grootste bedrijven aan de Noorse beurs, heeft twee dochters in de bestuursraad gezet. Vrouwen van in de twintig. Misschien zouden ze daar toch wel terecht zijn gekomen, maar normaliter niet op deze jonge leeftijd, zonder bedrijfservaring,” aldus de Noorse hoogleraar. “Bekijk je foto’s van de Noorse aan de beurs, dan lijken het net mannen met hun dochters,” aldus Randøy.
Onderzoekster Marit Hoel ziet naast het leeftijdsverschil nog een ander verschil: “Vrouwen zijn beter opgeleid.”

Bestuursraden die volledig uit vrouwen bestaan zijn overigens niet toegestaan, want de 40-60 procentnorm geldt voor beide seksen. StatoilHydro, het grootste bedrijf van Noorwegen, had meer dan zestig procent vrouwen in het bestuur. “Eén vrouw moest eruit gewipt worden, een persoon met perfecte kwalificaties. Dat is betreurenswaardig,” aldus Randøy.

Sommige critici hadden er bij de invoering van de wet voor gewaarschuwd dat jonge mannen de dupe zouden worden van de quotaregeling. Dit blijkt niet te kloppen. Onderzoekster Hoel: “We zien dat bedrijven hun bestuursposten uitbreiden met één of twee, zodat er ook plaats is voor jonge mannen.”

Box
Sinds januari van dit jaar moeten Noorse publieke bedrijven minstens 40 procent vrouwelijke commissarissen moesten benoemen. Dit voorstel, van een conservatieve minister, moest het beruchte glazen plafond voor vrouwen verbrijzelen. Destijds waren er 640 bedrijven die aan deze wettelijke eis moesten voldoen. Honderdzeventig bedrijven veranderden hun juridische vorm. In 2003 was het aantal vrouwelijke commissarissen zeven procent. Nu is dat aantal tussen 25 en 50 procent.
[ < terug ]

aanverwante artikelen: