6 manieren om pensioen op te bouwen als zelfstandige |
|
datum plaatsing |
|
medium |
planet.nl |
auteur |
Heidi Klijsen |
Ben je in loondienst, dan bouw je meestal pensioen op via je werkgever. Zelfstandigen zijn zélf verantwoordelijk voor hun pensioenopbouw. Er zijn verschillende manieren om dat aan te pakken. In tegenstelling tot werknemers bouwen zelfstandigen niet automatisch pensioen op. Wel kunnen ze vaak nog een aantal jaar in hun oude pensioenfonds deelnemen, als ze voorheen in loondienst waren. Dit kan echter niet bij elk pensioenfonds. Toch zijn er genoeg andere mogelijkheden om als zelfstandige een oudedagsvoorziening op te bouwen. We zetten de belangrijkste op een rij: 1. Zelf sparen Dit is de meest flexibele manier. Je spaart of belegt zelf een bedrag bij elkaar voor later. Je kunt storten en geld opnemen wanneer je wilt en je bent volledig vrij in het bepalen van je beleggingsbeleid. Kies je voor een automatische overboeking naar je spaar- of beleggingsrekening, dan heb je er verder weinig omkijken naar. Het nadeel is dat het verleidelijk kan zijn je pensioenpotje aan te wenden voor andere uitgaven. Je moet dus wel de nodige discipline hebben om op deze wijze te sparen voor je oude dag. Ook maak je geen gebruik van fiscale voordelen, zoals bij de opties hieronder. Je bent echter ook geen kosten kwijt aan een verzekeraar. 2. Geld storten bij een verzekeraar Een populaire manier om aan je oudedagsvoorziening te werken is door een lijfrenteverzekering aan te kopen bij een verzekeraar. Dit is een levensverzekering, waarvoor je eenmalig of periodiek een koopsom of premie betaalt aan een verzekeraar. Hiermee verzeker je je van een periodieke uitkering in de toekomst. De koopsom of premies zijn (tot een bepaald maximum) aftrekbaar van je inkomen. Daar staat tegenover dat de uitkeringen te zijner tijd (progressief) belast zijn. Daarom heeft deze methode alleen zin als het belastingtarief waartegen je de premies aftrekt, hoger is dan het tarief dat je later waarschijnlijk betaalt over de uitkeringen. Een lijfrente is meestal de duurste manier om een oudedagsvoorziening op te bouwen. Naast de kosten en provisies die de verzekeraar berekent, betaal je ook voor de ingebouwde overlijdensrisicoverzekering. Ook de geringe flexibiliteit is een nadeel: heb je het geld eenmaal afgestort, dan kun je er niet meer aankomen. Bovendien heb je minder vrijheid om te beleggen zoals jij het wilt. 3. Reserveren in de FOR Een bekende ondernemingsfaciliteit is de Fiscale Oudedagsreserve (FOR). Dit is een fiscale voorziening, waarin je jaarlijks een percentage van je winst kunt reserveren. Dit bedrag blijft dan buiten de belastingheffing. Je mag maximaal 12% van de winst reserveren in de FOR, met een maximum van €11.050 (2007). De opgebouwde FOR mag nooit hoger zijn dan het eigen vermogen van je onderneming. Reserveren in de FOR wil niet zeggen dat je ook daadwerkelijk pensioen opbouwt; het is niet meer dan een belastinguitstel. Op het moment dat je je onderneming beëindigt, koop je in principe voor het gereserveerde bedrag een oudedagsvoorziening aan. Doe je dat niet, dan betaal je alsnog belasting over de opgebouwde FOR. 4. Pensioen opbouwen in de eigen BV Voor DGA's (Directeur Groot Aandeelhouders) bestaat er ook de mogelijkheid pensioen op te bouwen binnen de eigen BV of in een aparte pensioen-BV. Dit heeft als voordeel dat je als ondernemer de vrije beschikking houdt over je pensioengelden. Tegelijkertijd houdt dat het risico in dat je de pensioengelden verkeerd investeert en daardoor kwijtraakt. Een ander nadeel is het langlevenrisico. Een pensioenverzekeraar keert levenslang uit, terwijl het potje in de BV bij lang leven uitgeput raakt. Een aparte pensioen-BV heeft als voordeel dat de pensioengelden buiten een eventueel faillissement kunnen blijven. Er zijn echter omstandigheden waarbij schuldeisers ook de gelden in de pensioen BV kunnen aanspreken, dus helemaal veilig is het nooit. Wil je je pensioenpotje wel veilig stellen, dan kun je het beter afstorten bij een verzekeraar. 5. Levensloopregeling Ook in de levensloopregeling kun je sparen voor je oude dag. Deze regeling geldt op dit moment echter alleen voor werknemers. Ook DGA's vallen hieronder; zelfs als je het enige personeelslid bent van je BV, kun je van de regeling gebruikmaken. In de levensloopregeling kun je jaarlijks maximaal 12% van je bruto jaarsalaris sparen. Het maximaal op te bouwen bedrag bedraagt 210% van het laatstgenoten salaris. Ben je tussen de 50 en 55 jaar oud, dan mag je meer dan 12% storten, zodat je toch die 210% kunt opbouwen. Let wel op: als DGA moet je - fiscaal gezien - wel een 'gebruikelijk loon' van minstens €39.000 overhouden. En dat bedrag wordt afgemeten na aftrek van de storting in de levensloopregeling. 6. Toekomstmuziek: fiscaalvriendelijk pensioensparen Zelf sparen voor je pensioen heeft het nadeel dat je geen gebruik kan maken van fiscale faciliteiten (zie punt 1). Om dit nadeel te ondervangen hebben de PvdA en VVD begin dit jaar een wetsvoorstel ingediend. Deze partijen willen dat het vanaf begin 2008 mogelijk is om fiscaalvriendelijk te sparen op een geblokkeerde bankrekening. Op die manier ben je niet langer aangewezen op (dure) verzekeraars om gebruik te maken van fiscale voordelen, zoals de lijfrenteaftrek en het uitsparen van vermogensrendementsheffing. Binnenkort wordt het definitieve wetsvoorstel behandeld in de Tweede Kamer. Links: - Belastingdienst over levensloopregeling - Independer: onafhankelijke vergelijking van koopsommen/lijfrentes - Pensioenkijker: onafhankelijke informatie over pensioenen [ < terug ] Dit artikel is auteursrechtelijk beschermd. Indien dit artikel interessant is voor uw website, bieden wij u de mogelijkheid het te gebruiken. Neem hiervoor contact op met Nostraverus.
|
|
