Uw zoekopdracht

Zoeken in een regio



Vier optiestrategieën voor gevorderden

Vier optiestrategieën voor gevorderden


datum plaatsing

medium

planet.nl

auteur

Heidi klijsen


Beleg je al langer in opties, dan wil je vaak meer dan een simpele calloptie. Door aandelen en opties met elkaar te combineren, kun je je beleggingen precies laten aansluiten op jouw specifieke doelstellingen. Daarom: vier bouwpakketten voor de gevorderde optiebelegger.

Doel 1: Beleggen zonder risico
Wel profiteren van de aandelenmarkt, maar met geen of een beperkt risico. Dat is wat garantiefondsen bieden. Het klinkt mooi, maar hiervoor betaal je wel een flinke prijs, want de kosten van garantiefondsen zijn hoog. Door zelf je garantiefonds samen te stellen kun je mogelijk wat kosten besparen. Maar het blijft een dure manier van beleggen.

De meeste garantiefondsen zijn opgebouwd uit een staatslening en één of meer callopties. De staatslening zorgt voor het zekerheidsstuk. Vaak is dit een zogenaamde 'zero-bond', wat wil zeggen dat de obligatie helemaal geen rente uitkeert. Hier staat een lage aankoopkoers tegenover. Op de einddatum is de obligatiewaarde dan aangegroeid tot de nominale waarde, zodat je bij aflossing door de koerswinst in één keer je rendement ontvangt. De opties moeten zorgen voor het extra rendement.

Stel, je koopt zerobonds die over 7 jaar aflossen tegen € 10.000
Daarvoor betaal je nu € 7.000
Voor de 'korting' van € 3.000 koop je - bijvoorbeeld - langlopende callopties op de AEX of een andere index.

Bij een stijgende beurs zorgen de opties voor een hefboom, waardoor je met slechts 30 % van je inleg toch een aardig rendement kunt maken. Bij een dalende of gelijkblijvende beurs lopen de opties waardeloos af. De zerobond zorgt er dan voor dat je toch je volledige inleg terugkrijgt.

Doel 2: Winst maken met een beperkte inleg
Je verwacht dat een bepaald aandeel een koersstijging zal doormaken, maar dat deze beperkt zal zijn tot bijvoorbeeld 20%. Waarom voor het hele recht betalen, als je er maar een deel van nodig hebt? Met een call price spread kun je hier prima op inspelen. Met deze strategie koop je een calloptie, terwijl je tegelijkertijd een call optie schrijft met een hogere uitoefenprijs. De looptijden van beide opties zijn hetzelfde.

Je koopt een call ABN AMRO okt. 2007 met een uitoefenprijs van € 25. Dit kost je € 150.
Je schrijft een call ABN AMRO okt. 2007 met een uitoefenprijs van € 30. Dit levert je € 50 op.
Je totale investering is dan € 100.

Je doet niet mee met een stijging boven de 30 euro. Voor de mogelijke stijging tot 30 euro heb je echter wel minder premie betaald, waardoor het rendement op je geïnvesteerde vermogen hoger uitvalt.  

Doel 3: De kat uit de boom kijken
Je verwacht dat een bepaald aandeel een flinke koersbeweging zal gaan maken, bijvoorbeeld door een op handen zijnde overname. Maar het is moeilijk in te schatten of dit tot een koersstijging of juist een koersdaling zal leiden. Toch wil je graag meeprofiteren van deze koersbeweging. In dat geval kun je ervoor kiezen een 'long straddle' of 'long strangle'.

Long straddle
Je koopt dan zowel een call- als een putoptie met dezelfde afloopdatum en uitoefenprijs, op dezelfde onderliggende waarde.
Bijvoorbeeld:
1 gekochte put ABN AMRO dec. 2008, met een uitoefenprijs van € 22,50
1 gekochte call ABN AMRO dec. 2008, met een uitoefenprijs van € 22,50

Om met deze constructie winst te kunnen behalen, is er wel een forse koersbeweging nodig. Je moet immers voor beide opties een premie betalen en slechts één van beide zal op de expiratiedatum waarde hebben. De winst op één van beide opties moet dus voldoende zijn om de totale investering te compenseren.

Long strangle
Hierbij koop je zowel een call- als een putoptie op dezelfde onderliggende waarde, met dezelfde afloopdatum, maar nu met verschillende uitoefenprijzen. De uitoefenprijs van de call ligt hoger dan die van de put.
Bijvoorbeeld:
1 gekochte call ABN AMRO dec. 2008, met een uitoefenprijs van € 25
1 gekochte put ABN AMRO dec. 2008, met een uitoefenprijs van € 20

De kosten zijn een stuk lager dan bij de long straddle, maar omdat de uitoefenprijzen verder uit elkaar liggen, moet de uitslag omhoog of omlaag dus ook hoger zijn om een mooi rendement te kunnen maken.

Doel 4: Een hoog rendement maken in een vlakke beurs
De beurs vertoont weinig beweging en je wilt toch graag een hoog rendement halen. Ook dan kun je gebruik maken van een straddle en een strangle, maar in dit geval gaat het om de 'short'-varianten. Dit betekent dat je opties 'schrijft', waardoor je zowel een verplichting aangaat om bepaalde aandelen te leveren als af te nemen.

Short straddle
Hierbij doe je het tegenovergestelde als bij de long straddle: je schrijft calls en puts met dezelfde afloopdatum en uitoefenprijzen, op dezelfde onderliggende waarde. Hierbij kies je voor uitoefenprijzen, die dicht bij de huidige beurskoers liggen. Je ontvangt voor beide opties een premie, die vrijwel geheel uit tijd- en verwachtingswaarde bestaat.

Is je visie juist en beweegt de koers van de onderliggende waarde nauwelijks, dan verdwijnt de verwachtingswaarde. Je opties lopen dan dus waardeloos af en jij kunt gaan genieten van je ontvangen premies. Stijgt of daalt de koers juist fors, dan heb je een afname- of leveringsplicht, waardoor je verlies in principe onbeperkt is. Deze strategie is dus zeer risicovol!

Voorbeeld:
1 geschreven call ABN AMRO dec. 2008 met een uitoefenprijs van € 22,50
1 geschreven put ABN AMRO dec. 2008 met een uitoefenprijs van € 22,50

Short strangle
Vind je de short straddle te risicovol, dan kun je ook kiezen voor een short strangle. Hierbij schrijf je een call- en een putoptie op dezelfde onderliggende waarde en met dezelfde afloopdatum, maar met verschillende uitoefenprijzen. Je kiest dan voor een putoptie waarvan de uitoefenkoers een stuk beneden de huidige aandelenkoers ligt en een calloptie met een uitoefenkoers die juist een stuk boven de huidige aandelenkoers ligt.

Hierdoor ontvang je voor beide opties een lagere premie, maar de risico's dat je aandelen moet leveren of afnemen zijn een stuk lager dan bij de short straddle. Maar vergis je niet, het blijft een risicovolle belegging!

Voorbeeld:
1 geschreven call ABN AMRO dec. 2008 met een uitoefenprijs van € 25
1 geschreven put ABN AMRO dec. 2008 met een uitoefenprijs van € 20

Net als bij de short straddle hoop je er op, dat de koers van het onderliggende aandeel stabiel blijft. Want dan lopen beide opties waardeloos af, terwijl jij de premies hebt ontvangen.

Links:
www.euronext.com: hier vind je de aan- en verkoopprijzen van aandelen en opties die aan de euronext genoteerd zijn
www.afm.nl: op deze site van de Autoriteit Financiële Markten vind je meer achtergrondinformatie over opties
[ < terug ]

aanverwante artikelen: