Uw zoekopdracht

Zoeken in een regio



Gelijke behandeling

Gelijke behandeling


datum plaatsing

11-10-2003

medium

NRC Handelsblad

auteur

Leo Prick


Er is verbaasd gereageerd op het oordeel van de Commissie Gelijke Behandeling die het een katholieke school in Utrecht toestond hoofddoekjes te verbieden. Waar ik op mijn beurt weer verbaasd over ben. Voor wie zich het volgende herinnert, kan die uitspraak toch moeilijk verrassend zijn geweest.
In de jaren tachtig wilde een Joodse vader zijn zoon inschrijven als leerling van een orthodox Joodse middelbare school in Amsterdam. De leerling werd geweigerd met als argument dat hij niet Joods was, want niet geboren uit een Joodse moeder. De vader stapte naar de rechter, en uiteindelijk stelde het Amsterdamse gerechtshof de school in het gelijk. Bijzondere scholen zijn nu eenmaal bevoegd eisen te stellen aan de leerlingen die voortvloeien uit dat bijzondere karakter. Vereiste is natuurlijk wel dat scholen dat duidelijk formuleren en consequent handelen bij de toepassing daarvan. Vergeleken bij dit voorval is het verbieden van islamitische kledingkenmerken door een katholieke school natuurlijk een vanzelfsprekend recht. Mits dat verbod uiteraard voortvloeit uit de reglementen.
Het verschil tussen de beide gevallen is dat het eerste een kleine godsdienstige groepering betrof en het tweede een omvangrijke club onder de vlag waarvan talloze scholen opereren. Omdat de meerderheid van de scholen in Nederland christelijk of katholiek is, liggen de consequenties van deze uitspraak voor de hand. Veel scholen gaan ongetwijfeld hun godsdienstige grondslag aanscherpen om daarmee de mogelijkheid te krijgen hoofddoekjes te weigeren, en ik waag het om hier publiekelijk te belijden dat ik dat als school ook zou doen. Niet om te discrimineren, maar, integendeel, om discriminatie tegen te gaan.
De Commissie Gelijke Behandeling ziet erop toe dat er geen onderscheid wordt gemaakt tussen mensen op grond van zaken als bijvoorbeeld godsdienst, herkomst of sekse. Allochtoon of autochtoon, islamitisch of niet, daar onderscheid tussen maken, dat mag dus niet. Maar die hoofddoekjes hebben ook te maken met een ander aspect van gelijke behandeling.
De hoofddoekjes zijn een godsdienstig symbool en iedereen moet zelf weten of zij zoiets wil dragen. Overigens geldt voor veel meisjes dat zij dat helemaal niet zelf mogen weten. Zij worden door hun ouders tot die hoofddoek verplicht om daarmee te voorkomen dat zij al te zeer opgaan in de westerse wereld. Dat mogen op hun beurt die ouders zelf weten, maar het wezenlijke probleem van de hoofddoek schuilt in iets heel anders. Namelijk dat al die beperkingen die meisjes krijgen opgelegd niet gelden voor hun broers. Hoewel die hoofddoek een uiting is van godsdienstige overtuiging, is hij daarnaast ook een instrument voor seksuele discriminatie. Maar waar dit laatste het geval is, zal dit natuurlijk altijd worden ontkend.
Wil je de seksuele discriminatie van meisjes in veel islamitische gezinnen tegengaan, dan moet je als de educatieve instelling die de school behoort te zijn, daar niet aan meewerken. Dan mag je niet toestaan dat de islamitische meisjes worden achtergesteld bij hun broers, die niet verplicht zijn zich uiterlijk te onderscheiden van de andere leerlingen. De enige manier om die seksuele discriminatie tegen te gaan is door de hoofddoek op school te verbieden. Daarom zou ik als school de reglementen aanpassen, zodat mijn beleid de toets der Commissie Gelijke Behandeling kan doorstaan.
Sommigen vrezen dat als gevolg hiervan de openbare scholen nog meer zullen verzwarten. Ik verwacht dat niet. Sterker nog, ik denk dat scholen die de hoofddoekjes verbieden daarmee voor islamitische leerlingen alleen maar aantrekkelijker worden. Onlangs sprak ik met een Marokkaan over dit onderwerp. Hij was het niet met me eens. Ik ga daarover schrijven en ik zou het aardig vinden als u daarop zou willen reageren, vroeg ik hem. Dat kon niet antwoordde hij, zijn schriftelijk Nederlands was niet goed genoeg. Maar uw dochter die heeft gestudeerd, kan u toch daarbij helpen, stelde ik voor. Maar dat wist hij als, dat zou ze niet willen, “want zij is het met u eens”.
[ < terug ]

aanverwante artikelen: