Uw zoekopdracht

Zoeken in een regio



Doe er iets aan

Doe er iets aan


datum plaatsing

08-03-2003

medium

NRC Handelsblad

auteur

Leo Prick


Discussies over waarden en normen monden uit in grofweg twee mogelijkheden. Er wordt een lijst opgesteld van hoogdravende, vage noties waar iedereen zich in kan vinden, zoals: respect voor de ander, tolerantie ten aanzien van elkaars geloofsovertuiging, bereidheid naar anderen te luisteren, en zo kan ik nog heel lang prekend en zalvend doorgaan.
De andere mogelijkheid bestaat in het opstellen van praktische regels. Niet met de voeten op de stoelen, niet schreeuwen, op je beurt wachten, geen rotzooi op de grond gooien, kortom al die overtredingen die je vroeger kon corrigeren met “dat doe je thuis toch ook niet”, maar waar inmiddels thuis heel verschillend of helemaal niet meer over wordt gedacht. Die ooit vanzelfsprekende gedragsregels, daar wil ik het vandaag met u over hebben.
Dat die alledaagse gedragsregels vroeger thuis wel strikt werden gehandhaafd had te maken met de omvang van de gezinnen en het vele werk dat in het huishouden diende te worden verricht. Wilde dat ordelijk verlopen dan diende iedereen het zijne bij te dragen en zonodig op zijn plichten te worden gewezen. En als kinderen dachten dat ze zich niet hoefden te conformeren aan de huisregels kregen ze te horen dat het hier geen hotel is. Inmiddels zijn de meeste woningen al lang hotels en ligt de focus van alle gezinsleden niet op het voeren van het huishouden, maar op activiteiten buitenshuis.
Kortom, het gezin is verdwenen als de vanzelfsprekende plek waar jongeren zich omgangsregels eigen maken. In veel gezinnen gebeurt dat natuurlijk nog wel, maar in veel ook niet. Dat kunnen we betreuren, maar dat verandert niets aan het gegeven. Willen we dat alle jongeren die regels toch leren, dan zullen ze dat elders moeten doen en de enige plek die ik in dit verband kan bedenken, is de school. Natuurlijk doen sportverenigingen op dit gebied vaak zeer verdienstelijk werk, maar lang niet iedere jongere is lid van een sportclub en trouwens ook niet iedere club maakt daar werk van. Dus rest ons de school, die er toch al over klaagt zo vaak te worden misbruikt voor allerlei maatschappelijke wensen die niets met onderwijs te maken hebben. Maar in dit geval vergissen de scholen zich daarin.
Voor een school geldt namelijk hetzelfde als vroeger voor het gezin: je bent er met velen en er moet heel wat werk worden verricht. Wanneer in een school vanzelfsprekende leefregels niet meer gelden, wordt die school een chaos en in een chaos kun je niet werken. Zo’n school is dus gewoon een slechte school.
Deze gedachten worden me ingegeven door het bericht dat het Rijnlandslyceum in Oegstgeest zijn kantine heeft gesloten, vanwege de rotzooi die de leerlingen er maken. Ze laten het afval zomaar uit hun handen vallen, klaagt de conciërge. Een van de leerlingen: “Ze zijn vooral kwaad omdat we onze lunchpakketten van thuis weggooien. Maar dat moeten we toch zelf weten. Ik snap niet waar ze zich mee bemoeien.” Daarmee getuigt deze leerling niet alleen van een opmerkelijke visie, hij roert daarmee ook een interessant gegeven aan. Terwijl Nederlandse jongeren verontrustend dik, vet en papperig worden, bieden scholen in de pauze als alternatief voor het meegebrachte lunchpakket snacks en ander de vetzucht bevorderend voedsel te koop aan.
Het meest verontrustende tekort aan waarden en normen tref ik niet aan bij de leerlingen, maar bij rector Marten Elkerbout. De Volkskrant tekent uit de mond van deze opvoeder op: “We willen de leerlingen laten voelen dat het nu mooi is geweest. We hopen op een schrikeffect, dat ze even na gaan denken over hun gedrag.”
Dat ze even na gaan denken… Man, doe er iets aan!
[ < terug ]

aanverwante artikelen: